“Ik zal er zijn voor u”

Gesproken getuigenis

Werner De Greve met echtgenote Veerle Decrock, permanent diaken uit Drongen  ⋅  Het diakenambt is, na het huwelijk, mijn tweede roeping. Mijn vrouw stond volledig achter mijn keuze en gaf mij de vrijheid om dit te kunnen realiseren. Roeping is verbonden met een zending: Jezus roept mij op om mij vrijwillig in te zetten voor diegenen die het minder goed hebben of gekwetst zijn. Mijn roeping is een voortdurende zoektocht met vallen en opstaan, zoals een bootje op het water dat zich soms kan laten voortdrijven door de wind, maar af en toe ook tegen de wind in moet varen. Want ook ik ben kwetsbaar en zwak.

Een aalmoezenier vertelde mij ooit dat er nog een achtste sacrament bestaat: het sacrament van de aanwezigheid. Het is mijn roeping om aanwezig te zijn onder mensen, zelfs zonder woorden, zelfs zonder met hen over God te spreken. Mensen nabij zijn zodat ze niet alleen staan. En niet enkel in de vreugdevolle momenten, maar ook in pijn en verdriet. God is soms op plaatsen waar we Hem niet vermoeden en ik merk dat we ook op moeilijke momenten Gods aanwezigheid kunnen ervaren. Want waar liefde is tussen mensen, daar is God.

Het verrijzenisverhaal is een grote inspiratiebron doorheen mijn roeping. Het is mijn zending om mensen te helpen om weer mens te worden, om hen het gevoel te geven dat ze iemand zijn. Ik schenk hun mijn tijd zodat ze inzien dat ook zij de moeite waard zijn. En elke dag opnieuw is het een uitdaging om van mijn roeping iets te maken, zowel in mijn beroep als psychiatrisch verpleegkundige als in mijn diaconaal werk met kansarmen.

Het enige dat we moeten doen, is ervoor zorgen dat het zaad opschiet. We moeten water geven: de mensen nabij zijn en zorg voor hen dragen. Maar het is niet aan ons om te oogsten. “Wij zijn onnutte knechten.” (zie Lc 17,10) Als christenen moeten we vertrouwen hebben in het werk van de Heer. We mogen geloven in een toekomst die nieuwe levenskansen schept – die ons van vreugde vervult.